Op vrijdag 28 augustus organiseerden de American Chamber of Commerce in the Netherlands (AmCham), waar AbbVie bij is aangesloten, en KPMG Nederland een seminar over de toekomst van de Life Sciences & Health-sector in Nederland. Centraal stond de nieuwe AmCham Life Sciences & Health Benchmark 2026, die de internationale concurrentiepositie van Nederland en de beschikbaarheid van zorg voor patiënten onderzoekt.
De benchmark laat zien dat Nederland met een zesde plaats van 32 landen een sterke uitgangspositie heeft. Die positie is onder meer gebaseerd op de kwaliteit van de onderzoeksinfrastructuur, de aanwezigheid van kennis en talent, de sterke digitale en logistieke infrastructuur en de brede concurrentiekracht van Nederland.
Tegelijkertijd staat deze positie onder druk. Nederland slaagt er steeds minder goed in om sterke wetenschappelijke en medische basis te vertalen naar investeringen, klinisch onderzoek, markttoegang en toepassing van innovatie in de praktijk. Zo is het aantal commerciële klinische studies in Nederland tussen 2021 en 2025 met 46% gedaald, van 660 naar 354 studies. Ook krijgen patiënten in elf andere EU-landen sneller toegang tot nieuwe geneesmiddelen, volgens de jaarlijkse EFPIA Wait Indicator. Nederlandse patiënten wachtten in 2025 gemiddeld 493 dagen op toegang tot een nieuw geneesmiddel na EMA-goedkeuring. In Duitsland was dat 56 dagen, in Denemarken 268 dagen en in Engeland 282 dagen.
De geopolitieke dynamiek en belangrijke verschuivingen op de internationale markt vergroten de druk op de Nederlandse concurrentiepositie. Zowel de Verenigde Staten als China voeren een actieve industriepolitiek en concurreren inmiddels niet alleen op schaalgrootte, maar ook op de snelheid van uitvoering, het aanpassingsvermogen van regelgeving en innovatiecapaciteit.
Samenwerking binnen het ecosysteem
Tijdens het seminar gingen vertegenwoordigers uit de zorg, wetenschap, patiëntenorganisaties, overheid en industrie met elkaar in gesprek over de bevindingen van de benchmark. Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Sophie Hermans reflecteerde op de uitkomsten van de benchmark. Andere sprekers waren: Neil Pumford (AbbVie), Carin Louis-van den Broek (Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties), Hans van Goudoever (Amsterdam UMC), Jan-Willem Scheijgrond (Philips), Erik Holl (J&J) en David Ikkersheim (KPMG).
Klinisch onderzoek als onderdeel van een sterk ecosysteem
Klinisch onderzoek is een essentieel onderdeel van een goed functionerend zorg- en innovatiesysteem. Voor patiënten kan deelname aan klinisch onderzoek betekenen dat zij eerder toegang krijgen tot nieuwe behandelingen. Zorgprofessionals doen bovendien vroeg ervaring op met innovatieve therapieën en blijven zo aangesloten bij internationale ontwikkelingen en behandelstandaarden. De relatie werkt ook andersom. Wanneer innovatieve behandelingen in een land niet of pas laat beschikbaar komen, kan het moeilijker worden om deze behandelingen als referentie te gebruiken in vervolgonderzoek. Dat kan de aantrekkelijkheid van het land voor toekomstige klinische studies verder verminderen.
De Europese Unie werkt ondertussen aan verdere versterking van het innovatie- en biotechklimaat, onder meer via de voorgestelde Biotech Act. Deze ontwikkelingen bieden kansen om klinische trajecten te versnellen, administratieve lasten te verminderen en de harmonisatie binnen Europa te verbeteren. Nederland kan hier actief op voortbouwen.
Ook voor Nederland is klinisch onderzoek van grote waarde. Het versterkt de kennisbasis en onderzoeksinfrastructuur, stimuleert werkgelegenheid en trekt investeringen in innovatie aan. Daarmee draagt het niet alleen bij aan betere zorg, maar ook aan het verdienvermogen van Nederland. Dit sluit aan bij het coalitieakkoord 2026–2030, dat inzet op 1,5% structurele economische groei en biotechnologie en Life Sciences & Health benoemt als een van de vier prioritaire groeidomeinen.
Daarom pleiten we bij AbbVie Nederland voor het expliciet opnemen van klinisch onderzoek in de 3%-R&D-ambitie, het versnellen onderzoekstrajecten en het versnellen van toegang tot innovatieve middelen na klinisch onderzoek.
TSG als kans voor een meer geïntegreerde aanpak
Toegang, het innovatieklimaat en de kwaliteit van zorg zijn nauw met elkaar verweven. Ook onderzoek van ABN AMRO onderstreept dat het Nederlandse vergoedingsbeleid gevolgen heeft die verder reiken dan de beheersing van geneesmiddelenuitgaven.
“Gezien de problemen van de markttoegang wijken nieuwe studies van AbbVie soms uit naar andere Europese landen. Het is lastig hard te maken waarom een medicijn in Nederland ontwikkeld moet worden, als de Nederlandse patiënt er uiteindelijk geen gebruik van kan maken. Artsen zullen mogelijk ook verhuizen als studies in hun aandachtsgebied voornamelijk in andere landen plaatsvinden”, aldus Michael Moran, Medical Director Nederland bij AbbVie.
De ontwikkeling van het Toekomstbestendig Stelsel Geneesmiddelen (TSG) biedt een kans om te komen tot een meer geïntegreerde, voorspelbare en patiëntgerichte aanpak op het gebied van toegang. Het is belangrijk dat beleid op het gebied van onderzoek, regelgeving, beoordeling, vergoeding en patiëntentoegang beter op elkaar aansluit. Daarbij hoort ook aandacht voor de bredere waarde van innovatie, zoals betere gezondheidsuitkomsten, minder druk op de zorg, een gezondere beroepsbevolking en duurzame economische groei.
Van sterke basis naar betere uitkomsten
Als AbbVie dragen we graag bij aan de samenwerking binnen het Nederlandse Life Sciences & Health-ecosysteem. Nederland beschikt over veel van de ingrediënten om aantrekkelijk te blijven voor klinisch onderzoek en innovatie. Om die positie te behouden en te versterken, moeten beleid, uitvoering en de voorwaarden voor klinisch onderzoek en patiëntentoegang beter op elkaar aansluiten.
Een land waar patiënten tijdig toegang hebben tot innovatieve geneesmiddelen, waar actief klinisch onderzoek plaatsvindt en waar de zorg aansluit bij de nieuwste behandelstandaarden, biedt patiënten de beste mogelijkheden om hun gezondheid en kwaliteit van leven te verbeteren.
De door u opgevraagde productspecifieke site is bedoeld voor de inwoners van een bepaald land of bepaalde landen, zoals vermeld op die site. Als gevolg hiervan kan de site informatie bevatten over geneesmiddelen die niet zijn goedgekeurd in andere landen of regio's. Als u inwoner bent van een ander land dan het land waarnaar de site is gericht, ga dan terug naar AbbVie.com of neem contact op met uw lokale AbbVie-filiaal om de juiste productinformatie te verkrijgen voor het land waar u woont. De door u opgevraagde internetsite is mogelijk niet geoptimaliseerd voor uw schermgrootte. Wenst u door te gaan naar deze productspecifieke site?